VOC - Opvarenden

Uitleg over maand- en schuldbrief en werfofficier

Maandbrief

Door middel van een maandbrief konden werknemers bij de VOC maximaal drie maandlonen per jaar bestemmen voor verwanten in de 1e graad: ouders, echtgenote of kinderen. In het soldijboek wordt alleen vermeld dat er een maandbrief is met de naam van de begunstigde. Bij onvoldoende saldo werd de maandbrief met voorrang uitbetaald. Betalingen op de maandbrief worden vermeld. De maandbrief was in het bezit van de begunstigde.

Schuldbrief

Een werknemer van de VOC kon een schuldbrief / obligatie ondertekenen tot maximaal ƒ300, afhankelijk van de rang. De schuldbrief was veelal op naam gesteld, maar overdraagbaar en werd aan de toonder uitbetaald. Bij onvoldoende saldo werd de transportbrief bij voorrang voldaan, na de maandbrief. In het soldijboek wordt alleen vermeld dat er een schuldbrief is en ook de terugbetaling, voor zover dat gebeurd is.

Werfofficier

Eind 18e eeuw wierf de VOC ook opvarenden met behulp van een werfofficier. Deze opvarenden verdienden op de uit- en thuisreis niets, maar voor hun uitrusting werd gezorgd. Daarom mochten zij geen maand- of schuldbrief schrijven.